Op maandagavond 24 augustus 2015 presenteerde Uitgeverij Valiz, in samenwerking met de Akademie van Kunsten het boek Arts Education Beyond Art: Teaching Art in Times of Change, een bundeling van essays van academici en kunstenaars, vol scherpe analyses en creatieve ideeën voor een nieuwe benadering van kunst in het onderwijs. Zeven leden van de Akademie van Kunsten leverden een bijdrage aan het boek.

Geef beeldcultuur een plek in het onderwijs - Barbara Visser en Aernout Mik

Kennis en begrip van beeld en beeldcultuur zou op lagere en middelbare scholen een uitgesproken plek in het curriculum moeten krijgen. De invloed van bewegend en stilstaand beeld op ons leven en hoe we dat ervaren is veel groter dan enkele decennia geleden. Het onderwijs kan een cruciale rol spelen bij het ontwikkelen van beeldbewustzijn.

1.

Tijdens ons leven heeft de beeldcultuur zich ontwikkeld van de twee televisienetten in bibberende grijstinten naar een krankzinnige hoeveelheid stilstaande en bewegende beelden die we overal en altijd kunnen oproepen, en daarnaast ongevraagd op ons afkomen. Als je in mijn geboortejaar 1966 aan iemand had verteld hoe media vandaag werken zou hij je waarschijnlijk wegzetten als een fantast. Zelfs mijn verbazing hierover klinkt al gedateerd, zo gewoon vinden we het dat we geconfronteerd worden met beelden van onthoofdingen, aangespoelde dode vluchtelingen of harde porno. Jongeren zijn ermee opgegroeid en doen alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Waar deze beelden vandaan komen, wie ze maakt en voor wie, en wat ze voor sommigen betekenen, dat vermeldt het verhaal niet. Dat kinderen de beelden zien is een feit, wat ze erbij voelen weten we nauwelijks, maar dat het onderwijs hen zou kunnen en moeten begeleiden in een wereld waar dit het bewustzijn binnenkomt lijkt evident. Naast de extreme voorbeelden die ik noem, is er ook de beeldcultuur die op een veel alledaagser manier binnenkomt, die van alles verkondigt en tot van alles verleidt: wie of wat is er volgens de media belangrijk, wat moeten we kopen, wat afwijzen of van iets vinden?

Ook games zijn een belangrijk onderdeel van de beeldcultuur. Sommige games nodigen uit tot het ontwerpen van nieuwe werelden, anderen om steden plat te gooien en de mensen erin neer te knallen. Het is een relatief nieuw deel van de beeldcultuur, wat op zichzelf al een reden is om dat gebied te onderzoeken, ook met leerlingen zelf.

Tegelijkertijd relativeert de overdaad aan beeld zichzelf: de veelheid aan perspectieven ondermijnen de autoriteit van het beeld, omdat ze elkaar als het goed is tegenspreken, al kun je je afvragen of een jongere die breedte vanzelf tegenkomt. Ook het zelf produceren van beeld, zoals jongeren dat veelvuldig doen, maakt ze in zekere zin bekend met de manipulatieve kracht van beelden en montage.

Juist omdat de beeldcultuur en de media zo’n groot onderdeel van onze belevingswereld zijn en haar ook zelf weer beïnvloeden, is het belangrijk om er een groter bewustzijn over te ontwikkelen. Een beter idee van wat beeld is, wat het maken, bekijken en lezen van een beeld is, en welke verantwoordelijkheden het met zich meebrengt als je anderen ermee confronteert, is van wezenlijk belang in het onderwijs van de toekomst. De recente aanslagen in Parijs laten zien welke extreme reacties een cartoon kan losmaken– zo sterk is het beeld blijkbaar.

2.

Beeldende kunst is een fantastisch instrument om het eigen bewustzijn en je rol in de wereld te bekijken. Juist door je belevingswereld buiten jezelf te plaatsen en te abstraheren in beelden, teksten en geluiden, krijg je er beter zicht op. Waar de filosofie zich bedient van taal in letterlijke zin, doet de beeldende kunst datzelfde door beeldend, ruimtelijk of filmisch onderzoek te doen. Toch gaat het in de beeldende kunst niet per se altijd over het maken van feitelijke beelden of objecten. Dat de wereld min of meer wordt ingedeeld in producenten en consumenten, ook waar het de kunst betreft – je wordt altijd als maker of als kijker beschouwd – is jammer, en doet weinig recht aan de praktijk van de kunstenaar, die eerst en vooral een kritisch beschouwer van de wereld is.

Veel van onze zekerheden zijn gebaseerd op een amalgaam van kennis, aannames, verwachtingen en gewoontes: onze identiteit hangt hier voor een deel mee samen. Bestaande ervaringen en standpunten zijn ook nuttige bagage, alleen niet op elk willekeurig moment. In het beste geval staan ze je ter beschikking wanneer je ze nodig hebt, maar het moeten geen dogma’s zijn die nieuwe of andere perspectieven belemmeren.

Door die moeite wel te doen, te kijken en vragen te stellen bij wat je om je heen ziet in plaats van er direct een mening over te hebben, blijft er ruimte voor nieuwe inzichten, voor een mogelijk ander perspectief. Dat is geen evidente eigenschap in onze samenleving, waar instant waardeoordelen ons overspoelen, en vaak eerder de vorm van een scheldkanonnade dan een weloverwogen gedachte hebben.

Als beeldend kunstenaar heb je jezelf aangeleerd om je mening of een oordeel op te schorten. Je probeert eerst te kijken naar wat er is, zonder er meteen iets van te vinden. Bijna alsof je de dingen voor het eerst ziet of meemaakt. Omdat dat in werkelijkheid meestal niet het geval is, kost dat moeite. Je moet het aanleren en oefenen, als een soort onzichtbare spier. Het eigen vermogen om te kijken, denken, analyseren en verbinden van de vele informatiebronnen is iets dat de school kan helpen ontwikkelen. Dat vraagt van de docent kennis die verder reikt dan de feiten alleen: hoe kun je je concentreren in een wereld vol digitale prikkels?; wat is goed luisteren, kijken?; wat is je referentiekader en hoe kleurt dat je beeld van de wereld?; hoe verhouden de dingen om je heen zich tot elkaar en tot jezelf?; wat is je eigen invloed daarop, wat is verbeelding en waarom is dat zo belangrijk?

De doorgeschoten toetscultuur en de zogenaamd sociale media lijken soms wel uitgevonden om van onze kinderen assertieve, oordelende consumenten te maken in plaats van aandachtige, onafhankelijk denkende en handelende burgers van de 21e eeuw.

Wanneer wij het laatste willen, kan het onderwijs daar een grote rol in spelen. Kennis van beeldproductie en –cultuur zijn daarbij van groot belang.

 

Credits lead foto:

Barbara Visser Le monde appartient à ceux qui ce lèvent tôt (2002) The world belongs to early risers (2002)

courtesy Annet Gelink Gallery Villa Arson, Nice, France